BFT start in 2026 themaonderzoek naar internationale structuren
Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) heeft aangekondigd dat het in 2026 een themaonderzoek gaat uitvoeren naar adviseurs die betrokken zijn bij internationale structuren. Het BFT houdt als toezichthouder – onder andere – toezicht op de naleving van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) door financiële en juridische dienstverleners.
Waarom het BFT dit onderzoek start
Belastingadviseurs, accountants en administratiekantoren zijn aangewezen als poortwachters. Van hen wordt verwacht dat zij cliëntenonderzoek uitvoeren en transacties monitoren, zeker bij internationale cliënten met verhoogde Wwft-risico’s.
Internationale structuren – denk aan holdings, offshore-vennootschappen of complexe ketens van rechtspersonen in verschillende jurisdicties – worden vaak gebruikt om de belastingdruk te verplaatsen. In sommige gevallen worden internationale structuren gebruikt geldstromen te verplaatsen om hierdoor de herkomst van vermogen of de gerechtigden op het vermogen te verhullen. Door de complexiteit is het achterhalen van de uiteindelijke belanghebbenden (UBO’s) en het herleiden van de feitelijke economische beweegredenen achter transacties lastiger, wat de risico’s op witwassen verhoogt, aldus het BFT.
Waarom internationale constructies extra toezicht krijgen
De reden achter het aangescherpt toezicht naar internationale constructies omschrijft het BFT als volgt: “Internationale structuren worden vaak gebruikt om geldstromen te verhullen, herkomst te maskeren of toezicht te ontwijken. Ze maken het mogelijk om geldstromen te verplaatsen tussen verschillende jurisdicties en zo de herkomst te verhullen. Ook kunnen complexe handelsstromen (trade-based money laundering of service-based money laundering) en ondergrondse bankiersnetwerken crimineel geld vermengen met legale omzet. Zo lijkt het alsof geld uit normale bedrijfsactiviteiten komt, terwijl het in werkelijkheid crimineel geld is.”
De internationale constructies worden aldus als aandachtspunt aangemerkt doordat de geldstromen en UBO’s lastig controleerbaar zijn. Door het verscherpt toezicht probeert het BFT inzichtelijk te maken of voldaan wordt aan verplichtingen die voor poortwachters voortvloeien uit de Wwft.
In het geval het BFT overtredingen constateert, kan het handhavend optreden en een bestuurlijke sanctie opleggen, zoals een bestuurlijke boete. In beginsel wordt een bestuurlijke sanctie openbaar gemaakt. Een Wwft-overtreding – bijvoorbeeld het niet melden van een ongebruikelijke transactie – kan ook strafrechtelijk worden vervolgd.
Hoe selecteert het BFT dossiers en wat wordt beoordeeld?
Het BFT selecteert een aantal adviseurs en beoordeelt of zij hun poortwachtersrol naar behoren vervullen. Er worden dossiers geselecteerd op basis van open brononderzoek, vooraf vastgestelde risico-indicatoren en structuren in landen die zijn aangemerkt als verhoogd risicolanden voor witwassen. Tijdens een controle kan onder meer worden beoordeeld:
Wat houdt het BFT-themaonderzoek concreet in?
Het themaonderzoek legt de nadruk op de verplichtingen tot verscherpt cliëntenonderzoek en transactiemonitoring die voortvloeien uit de Wwft. Bij het verscherpt cliëntenonderzoek wordt verwacht dat actief wordt doorgevraagd naar eigendoms- en zeggenschapsverhoudingen, de gekozen structuur en de inzichtelijkheid in de opbouw daarvan en de vraag of de herkomst van het vermogen kan worden onderbouwd en de cliënt hiervan documentatie kan overleggen.
Het themaonderzoek benadrukt tevens het belang van het tijdig signaleren en melden van ongebruikelijke transacties. Een transactie kan bijvoorbeeld ongebruikelijk zijn wanneer:
Als een poortwachter aanleiding heeft om te veronderstellen dat de uitgevoerde of voorgenomen transactie verband kan houden met witwassen of financiering van terrorisme, dient melding te worden gedaan van een ongebruikelijke transactie. De ongebruikelijke transactie moet “onverwijld”, dus zo snel mogelijk, worden gemeld bij de Financial Intelligence Unit (FIU). Het niet onverwijld melden van een ongebruikelijke transactie levert een strafbaar feit op.
Indien wel melding wordt gemaakt, kan dit aanleiding vormen voor een strafrechtelijk onderzoek naar bijvoorbeeld witwassen en/of valsheid in geschrifte.
Het themaonderzoek benadrukt tevens het belang van het tijdig signaleren en melden van ongebruikelijke transacties. Een transactie kan bijvoorbeeld ongebruikelijk zijn wanneer:
Het aangekondigde BFT onderzoek benadrukt dat internationale structuren nauwlettend worden gevolgd vanuit Wwft- en strafrechtelijk perspectief. Wordt u of uw onderneming onderzocht, heeft u een bestuurlijke sanctie opgelegd gekregen van het BFT en/of bent u aangemerkt als verdachte in een strafrechtelijk onderzoek naar witwassen of valsheid in geschrifte, neem dan contact op. Ons kantoor kan bijstand verlenen bij:
Onze ervaren en gespecialiseerde advocaten staan u graag bij. Neem direct contact op via ons contactformulier of bel 070 – 762 10 80.



