Bijstand van een jeugdstrafrechtadvocaat

Een minderjarige kan door het Openbaar Ministerie worden verdacht van een strafbaar feit, waarbij de verdachte wordt bijgestaan door een jeugdstrafrechtadvocaat. Bij vervolging van minderjarigen zijn de wettelijke regels van het jeugdstrafrecht van toepassing.Deze wettelijke regels wijken af van het normale strafrecht en is wettelijk geregeld in Boek 1, Titel VIII A, art. 77a-77hh Wetboek van Strafrecht.

 

Bijstand verhoor van een jeugdstrafrechtadvocaat:

Elke aangehouden verdachte die voor verhoor naar het politiebureau is gebracht, moet er op worden gewezen dat hij recht heeft om voorafgaand het eerste verhoor een raadsman te raadplegen. In het jeugdstrafrecht, is de leeftijd op de pleegdatum van het strafbare feit waarop de verdenking betrekking heeft bepalend, op de vraag wanneer een verdachte minderjarig is. Daarnaast wordt in het jeugdstrafrecht, maar ook in het volwassene strafrecht, een onderscheid gemaakt tussen drie categorieën zaken waarbij een verdachte recht heeft op consultatie van een strafrechtadvocaat voor én tijdens het verhoor, te weten:

  • [expand title=”A-zaken;” swaptitle=”Sluiten”]

    Als categorie A-zaken worden aangemerkt:

    − zaken waarbij sprake is van een verdenking van een misdrijf dat voldoet aan de criteria voor de inzet van een Team Grootschalig Onderzoek (TGO):1 hiervan is sprake als het een misdrijf betreft

    − waarop een strafbedreiging van twaalf jaar gevangenisstraf of meer staat, én

    − dat kan worden getypeerd als een (mogelijk) opzettelijk levensdelict, zeer ernstig zedendelict, brandstichting met ernstige gevolgen, gijzeling, ontvoering en andere misdrijven tegen de lichamelijke integriteit, en

    − waarbij een grote maatschappelijke impact kan worden verwacht;

    − zaken waarin aan de aanhouding van verdachte projectmatig opsporingsonderzoek naar georganiseerde criminaliteit vooraf is gegaan;

    − zaken waarbij sprake is van een verdenking van een misdrijf waarbij voorlopige hechtenis toegelaten is en waarvan redelijkerwijs valt aan te nemen dat zij zullen voldoen aan het begrip ‘gevoelige zaak’;

    − zaken van verdachten in de leeftijd van twaalf tot en met vijftien jaar op de pleegdatum van het feit voor zover deze zaken betrekking hebben op een misdrijf waarbij voorlopige hechtenis toegelaten is;

    − zaken van verdachten in de leeftijd van zestien en zeventien jaar op de pleegdatum van het feit en verdachten die naar het oordeel van de opsporingsambtenaar zijn aan te merken als een persoon met een kennelijk verstandelijke beperking of cognitieve functiestoornis, voor zover deze zaken betrekking hebben op misdrijven:

    − met een strafbedreiging van twaalf jaar of meer, óf

    − met een strafbedreiging van minder dan twaalf jaar, maar waarbij sprake is van een dode of evident zwaar lichamelijke letsel, óf

    − dat een zedenmisdrijf behelst met een strafbedreiging van acht jaar of meer of waarbij sprake is van seksueel misbruik in een afhankelijkheidsrelatie.

    [/expand]

  • [expand title=”B-zaken;” swaptitle=”Sluiten”] Zaken betreffende misdrijven waarbij voorlopige hechtenis toegelaten is en die niet vallen onder categorie A. [/expand]
  • [expand title=”C-zaken;” swaptitle=”Sluiten”] Zaken betreffende misdrijven waarbij voorlopige hechtenis niet toegelaten is alsmede zaken betreffende overtredingen. [/expand]

Bij A- en B-zaken vindt de consultatiebijstand altijd plaats op het politiebureau, terwijl bij C-zaken dit ook telefonisch kan plaatsvinden. Daarnaast heeft de Hoge Raad in een arrest overwogen dat een aangehouden verdachte zowel minderjarig als volwassen, naast het recht op consultatiebijstand, tevens recht heeft op bijstand door een advocaat tijdens het verhoor door de politie. Een minderjarige kan zich tevens tijdens het verhoor laten bijstaan door een vertrouwenspersoon. Dit moet de jeugdige dan ook door politie worden medegedeeld.

Onder vertrouwenspersoon wordt het volgende verstaan:

  • een ouder;
  • wettelijk vertegenwoordiger;
  • of een andere vertrouwenspersoon van de verdachte.

 

Afstand doen van het recht op consultatiebijstand:

Minderjarigen in de leeftijdscategorie 12 t/m 15 jaar kunnen géén afstand doen van het recht op consultatiebijstand, in het geval ze verdacht worden van een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten. Dit geldt tevens voor minderjarige verdachten die 16 of 17 jaar zijn in een aantal omschreven ernstige misdrijfzaken, ook wel de A-zaken.

Daarnaast kunnen minderjarige verdachten die 16 of 17 jaar zijn afstand doen van zowel het recht op consultatiebijstand als van het recht op bijstand tijdens het verhoor, mits het een B-zaak betreft. Voorts geldt dit ook voor minderjarigen in de leeftijdscategorie 12 t/m 17 jaar die zijn aangehouden voor een C-zaak. Dit adviseren wij echter niet.

 

Leeftijdsgrenzen:

Het jeugdstrafrecht kent bovendien een ondergrens en een bovengrens waarbinnen het jeugdstrafrecht wordt toegepast.

  • [expand title=”Klik hier om te lezen omtrent de ondergrens.” swaptitle=”Sluiten”]Op grond van art. 486 Wetboek van Strafvordering kan indien de jeugdige de leeftijd van 12 jaren nog niet heeft bereikt, niet strafrechtelijk worden vervolgd, hoe ernstig het feit ook is. Echter, kunnen wel interventies worden ingezet ter voorkoming van verdere criminele gedragingen.[/expand]
  • [expand title=”Klik hier om te lezen omtrent de bovengrens.” swaptitle=”Sluiten”]Indien de jeugdige de leeftijd van 18 jaren heeft bereikt of ouder is, is in beginsel het strafrecht voor volwassenen van toepassing. Echter, met de inwerkingtreding d.d. 1 april 2014, van het adolescentenstrafrecht, wordt deze bovengrens flexibeler. Sindsdien is het mogelijk dat jeugdigen in de leeftijdscategorie 18 t/m 23 jaar toch volgens het jeugdstrafrecht kunnen worden veroordeeld. Andersom kan het ook, de rechter kan beslissen om jeugdigen in de categorie van 16 tot 18 jaar te berechten volgens het volwassenstrafrecht mits hij daarvoor een grond vindt in de ernst van het begane feit.[/expand]

Gelet op het bovenstaande is het advies om als minderjarige nooit afstand te doen van het consultatierecht met een jeugdstrafrechtadvocaat. Bovendien is bijstand van een jeugdstrafrechtadvocaat altijd kosteloos! Het is aan de jeugdstrafadvocaat over de kosten uitspraken te doen en niet aan de politie. Laat je altijd dus als minderjarige vóór verhoor, ook bij C-zaken, adviseren door een jeugdstrafrechtadvocaat

In het geval de politie c.q. de officier van justitie een strafbeschikking aanbiedt is het verstandig vooraf een jeugdstrafrecht advocaat te raadplegen. Let op, het accepteren van een strafbeschikking heeft namelijk tot gevolg dat een ieder altijd een strafblad krijgt, zelfs bij minderjarigen. Laat u dus altijd bijstaan door een jeugdstrafrechtadvocaat.

Uit voornoemde informatie blijkt wederom dat indien u strafrechtelijk wordt vervolgd, zowel in het geval u reeds bent gedagvaard of in het geval u verdachte bent in een strafrechtelijke (financieel) onderzoek, of in het geval u bent opgeroepen om als verdachte door Politie of door de FIOD te worden gehoord, het van belang is dat u wordt geadviseerd door één van onze ervaren jeugdstrafrechtadvocaten van Farber Zwaanswijk Advocaten. Onze jeugdstrafrechtadvocaten zijn gespecialiseerd op het gebied van commuun-, jeugdstrafrecht en financieel- economisch strafrecht en hebben ruime ervaring op het gebied van fraude.

Laat u daarom adviseren door één van onze advocaten door contact op te nemen.

Voor uitgebreidere uitleg omtrent verhoorbijstand van een (jeugd)strafrechtadvocaat, klik hier.

Deel deze publicatie op: